FAQ's

Hieronder beantwoorden we de meest gestelde vragen:

Het project Interregional Automated Transport (I-AT) is opgezet om de ontwikkeling van innovaties op het gebied van zelfrijdend vervoer voor de mobiliteits- en logistieke sectoren in Gelderland, Noord-Brabant, Limburg en Noordrijn-Westfalen te stimuleren. Het project komt voort uit een testproject van de provincie Gelderland waarbij twee zelfrijdende voertuigen, de WEpods, op de openbare weg in de steden Ede en Wageningen werden ingezet.
Het doel van het I-AT project is niet alleen zelfrijdend - maar zo mogelijk ook landgrensoverschrijdend - vervoer van reizigers en goederen in de praktijk te bestuderen en te testen. De projectpartners werkten daarnaast aan de ontwikkeling van prototypes en aan de uitvoering van pilotprojecten om kennis te vergaren.

Wat waren de doelstellingen van het I-AT Project?

  • Het primaire doel van het I-AT Project was de ontwikkeling van prototypen en de uitvoering van testreeksen in de regio om zo kennis uit praktijktoepassingen te verzamelen; randvoorwaarden en kansen voor zelfrijdend vervoer te onderzoeken en de grensoverschrijdende toepassingsmogelijkheden te verbeteren.
    Het project moest daarnaast een bijdrage leveren aan de ontwikkeling van toekomstige mobiliteitsconcepten, waarin autonoom rijdende voertuigen in de visie van de initiatiefnemers van het project een rol kunnen spelen. Het project werd bovendien beschouwd als een instrument om de innovatie, de economische ontwikkeling en de werkgelegenheid in de Euregio te stimuleren.

Wat was er zo bijzonder aan het I-AT Project in vergelijking met andere projecten voor autonoom rijden?

  • Het I-AT Project was met name bijzonder vanwege de grensoverschrijdende aspecten van autonoom rijden en truckplatooning en de toepassing daarvan in de praktijk. Zo was de WEpod op Airport Weeze het eerste geautomatiseerde voertuig, dat tijdens een pilottest op de openbare weg in Nordrhein-Westfalen mocht rijden. Tijdens het project bleek bijvoorbeeld dat de regelgeving in de beide landen nogal van elkaar afweek en dat de toelating van voertuigen, het gebruik van technologie en de aanvraag van vergunningen voor het uitvoeren van projecten aan beide kanten van de grens voor uitdagingen zorgden. Ook in technisch opzicht brengt grensoverschrijdend verkeer uitdagingen met zich mee. Zo bleek tijdens het onderzoek naar truckplatooning dat het handhaven van een goede verbinding voor dataverkeer bij grensovergangen lastig is. Het I-AT Project heeft een belangrijk inzicht gegeven in de aspecten van grensoverschrijdend autonoom rijdend verkeer die beter geregeld moeten worden. 

Welke partijen zijn er bij het project betrokken?

  • In het I-AT Project werken 21 partners uit het Nederlands-Duitse grensgebied samen. De complete lijst van partners is elders op deze website te vinden. Het gaat onder meer om een aantal midden- en kleinbedrijven, onderwijs- en onderzoeksinstellingen, openbaar vervoerbedrijven, overheidsinstellingen en enkele grote ondernemingen. De Provincie Gelderland verzorgde het projectmanagement, het projectsecretariaat en de communicatie.

Wat was de looptijd van het project?

  • Het I-AT project startte in maart 2017 en loopt eind 2020 af. Vanwege de Corona-crisis wordt het eindevenement, dat oorspronkelijk in juni 2020 gehouden zou worden, doorgeschoven naar het najaar van 2020.

Welke bedragen zijn in het project geïnvesteerd?

  • Het I-AT Project werd in het kader van het INTERREG-programma financieel ondersteund door de Europese Unie en de INTERREG-partners: de Euregio Rijn-Waal, het Nederlandse Ministerie van Economische Zaken, het Ministerium für Wirtschaft, Innovation, Digitalisierung und Energie van Nordrhein-Westfalen en de provincie Gelderland, Overijssel en Noord-Brabant. De totale, begrote kosten van het I-AT Project bedroegen € 8,4 miljoen, die gefinancierd werden door het INTERREG-programma (ruim € 5,7 miljoen) en de eigen bijdragen van de partners (ruim € 2,7 miljoen).

Welke activiteiten zijn er binnen het I-AT Project uitgevoerd?

  • Tijdens de looptijd van het I-AT Project zijn verdere testen met de eerder ontwikkelde autonome shuttle uit het Gelderse WEpod-project uitgevoerd. Na een technische update reden de shuttles enkele maanden op Weeze Airport. Deze pilot heeft meer inzicht gegeven in de voertuigtechnologie, de hard- en software voor autonoom rijden en de acceptatie door passagiers. Daarnaast zijn er binnen het project diverse studies uitgevoerd naar aspecten van autonoom rijden en truckplatooning. De resultaten van deze onderzoeken zijn vanaf eind 2019 tijdens diverse workshops en conferenties gepresenteerd. Een deel van deze rapporten en presentaties is te vinden op de kennisportal op deze website.Tijdens het I-AT Project werd daarnaast de ‘Mission’ ontwikkeld, een ‘dual mode voertuig’, dat niet alleen autonoom kan rijden, maar dat ook traditioneel door een chauffeur bestuurd kan worden. Het met de Mission geplande testproject bij Aken en Vaals kon door de vertraging van de ontwikkeling helaas geen doorgang vinden, maar het voertuig werd in maart 2020 op het testcircuit in Aldenhoven gepresenteerd en uitgebreid getest. Met het oog op de pilot werden voor de dienstregeling modules voor een Mobility-as-a-Service (MaaS) app ontwikkeld, die nu in andere grensoverschrijdende personenvervoeractiviteiten ingezet zullen worden.

Wat zijn de resultaten van het I-AT Project?

  • Het project heeft een schat aan kennis en ervaring met betrekking tot autonoom rijden en aanverwante ontwikkelingen opgeleverd. Het gaat daarbij zowel om technische kennis, wettelijke en juridische randvoorwaarden, praktische toepassingsmogelijkheden en inzicht in de acceptatie door passagiers. Veel van deze kennis is vastgelegd in studies, onderzoeken en rapporten, die onder meer tijdens workshops en conferenties en op de website van het I-AT gepresenteerd zijn. Van deze kennis kunnen bedrijfsleven, overheden, kennis- en onderzoeksinstellingen gebruik maken voor toekomstige projecten, ontwikkelingen en toepassingen.Het I-AT Project heeft daarnaast twee concepten voor autonoom rijdende voertuigen opgeleverd. De WEpods waren ontworpen voor korte ritten op vooraf geprogrammeerde routes. Het voertuig bood plaats aan zes passagiers, reed met een snelheid van maximaal 15 kilometer per uur en had alleen een bediening voor noodgevallen aan boord. De Mission ziet eruit als een traditionele bus, die plaats biedt aan 12 passagiers en die in autonome modus een snelheid van 30 tot 35 kilometer per uur kan halen. De Mission is een ‘dual mode bus’. Dat wil zeggen dat het voertuig op vaste, vooraf gedefinieerde routes autonoom kan rijden, maar daarnaast met chauffeur ook normaal op de openbare weg kan rijden.

Wat gebeurt er met de resultaten van het project en met de voertuigen?

  • De resultaten van het onderzoek dat tijdens de looptijd van het project is uitgevoerd, de technische kennis en de toepassingsmogelijkheden die tijdens de ontwikkeling en praktijktests van de voertuigen en de uitvoering van de pilots zijn opgebouwd, zijn in principe beschikbaar voor onderzoeksinstellingen, kennisinstituten, bedrijven en overheden. De resultaten, ervaringen en kennis worden ook gedeeld met netwerken voor geautomatiseerd transport zoals de ‘Krachtenbundeling’ in Nederland en het ‘Kompetenznetzwerk’ in Nordrhein-Westfalen.

    Een deel van de beschikbare kennis is toegankelijk gemaakt via de kennisportal op de I-AT website. Belangstellenden kunnen de informatie ook aanvragen bij de provincie Gelderland.

    De eerste WEpod-shuttle is inmiddels overgedragen aan het Technova College in Ede waar hij ingezet wordt voor automotive onderwijs. De intentie is om de tweede WEpod bij een vergelijkbaar instituut in Nordrhein-Westfalente plaatsen. Dankzij de samenwerking tussen Nederland en Duitsland en tussen MBO, HBO en universitair onderwijs wordt er momenteel gesproken over nieuwe, doorlopende onderwijsprogramma’s voor de toepassing van autonoom rijden. De Mission is eigendom van de provincie Gelderland en zal de komende jaren nog beschikbaar zijn als demonstratievoertuig. Belangstellenden, die het voertuig willen inzetten bij evenementen of voor demonstraties kunnen contact opnemen met Rina van Londen, e-mail h.van.londen@gelderland.nl.

 Komt er een vervolg op het project?

  • Er komt geen officieel vervolg op het I-AT Project. Binnen het I-AT netwerk gaan er echter stemmen op om de samenwerking op sommige deelgebieden op een andere, informele manier voort te zetten. Zo hebben de deelnemers van Werkpakket 2, dat zich bezighield met het onderzoek naar truckplatooning, het voornemen om het onderzoek voort te zetten, omdat truckplatooning toch interessante kansen voor het wegtransport biedt.